Kardinaal Eijk portret 2024 foto Fleur Wiersma

Boodschap Veertigdagentijd: ‘God staat op de uitkijk’

Kardinaal Eijk heeft een boodschap gepubliceerd voor de Veertigdagentijd die op Aswoensdag (18 februari) is begonnen. De aartsbisschop van Utrecht schrijft in zijn Vastenboodschap (getiteld ‘God staat op de uitkijk’) dat het niet eenvoudig is om ons los te maken van de wereldse aantrekkingskracht. “De Veertigdagentijd, die dit jaar vroeg is gestart, is een uitgelezen kans om een inwendige voorjaarsschoonmaak te houden,” aldus kardinaal Eijk.

Kardinaal Eijk: “Welke goede voornemens moeten afgestoft worden? Welke mentale rommel die onze opgang tot God in de weg staat wacht nog om opgeruimd te worden? En vooral: waarmee moeten we hoognodig in het reine komen om onze band met God en de medemens te zuiveren?” Het is volgens kardinaal Eijk cruciaal om die laatste vraag eerlijk te beantwoorden, wil de Veertigdagentijd als voorbereiding op Pasen optimaal vrucht kunnen dragen. “Welke misstappen hebben we in de afgelopen weken (of maanden of misschien zelfs jaren) onder het tapijt van ons geweten geveegd en liggen daar te wachten tot we ze echt opruimen?”
Rein worden betekent onder meer dat we verantwoordelijkheid nemen voor onze fouten, onze zonden onder ogen durven zien en een beroep willen doen op Gods barmhartigheid, zo schrijft kardinaal Eijk. “Daartoe heeft Christus ons iets nagelaten: het sacrament van boete en verzoening (de biecht). Dit kostbare geschenk biedt ons mensen de kans om werkelijk schoon schip te maken en de blokkades tussen ons en God en tussen ons en onze medemensen weg te nemen.”

Kardinaal Eijk: “Om het sacrament van boete en verzoening te ontvangen, moet je een drempel over – zeker de eerste keer. Maar de parabel van de verloren zoon laat ons zien dat uiteindelijk niet wij de eerste stap hoeven te zetten, dat heeft God al gedaan. Hij staat op de uitkijk, klaar om ons in de armen te sluiten. Dat horen we ook aan het begin van de viering van Aswoensdag: ‘Heer, Gij zijt vol ontferming voor allen en hebt geen afkeer van wat Gij hebt gemaakt; Gij sluit uw ogen voor de zonden van de mensen om hen tot bekering te brengen. Gij spaart hen, want Gij zijt de Heer onze God’ (Wijsh. 11, 24-25,27).”
Het ontvangen van het sacrament van boete en verzoening is geen eindpunt, benadrukt kardinaal Eijk in zijn boodschap. “Het biedt ons de kans op een nieuwe start, een ijkpunt waarop we ons gedrag naar God en onze medemens moeten baseren – handelen vanuit liefde. Liefde moet het eerste en het laatste woord hebben en die woorden moeten we in daden omzetten.”

Lees hier de gehele boodschap voor de Veertigdagentijd van kardinaal Eijk.

* Tekst: (c) Aartsbisdom.nl.
* Foto: Fleur Wiersma.
askruisje_-_aswoensdag

Paus Leo XIV over Veertigdagentijd: tijd van bekering door luisteren, vasten en samen beleven

Op Aswoensdag 18 februari begint de Veertigdagentijd, de periode van voorbereiding op Pasen. Onder de titel “Luisteren en vasten: de Veertigdagentijd als tijd van bekering” publiceerde paus Leo XIV zijn boodschap voor de Veertigdagentijd 2026. Deze tijd is volgens de Heilige Vader een kans “om vernieuwing in ons geloof te vinden”.

De paus legt in zijn boodschap drie accenten: luisteren, vasten en het samen beleven van de Veertigdagentijd. Bekering begint met luisteren en ruimte maken voor het Woord. “De bereidheid om te luisteren is de eerste manier waarop wij laten zien dat wij een relatie met iemand willen aangaan.” De paus spreekt over “leren luisteren zoals God luistert”. Dat betekent ook erkennen dat de situatie van de armen een appèl op ons doet.

Verder onderstreept de paus het belang van vasten. Het noemt het “een concrete manier om ons voor te bereiden op het ontvangen van het woord van God. Bovendien helpt vasten om verlangens te ordenen en “onze honger en dorst naar gerechtigheid levend te houden en ons te bevrijden van zelfgenoegzaamheid.”

Taalgebruik ontwapenen

Daarnaast doet de paus een oproep tot “een zeer praktische en vaak ondergewaardeerde vorm van onthouding”. Hij roept op om in de Veertigdagentijd af te zien “van woorden die onze naaste beledigen en kwetsen. Laten wij beginnen met ons taalgebruik te ontwapenen, harde woorden en overhaaste oordelen te vermijden, ons te onthouden van laster en geen kwaad te spreken over wie niet aanwezig is en zich niet kan verdedigen.”

Tot slot benadrukt hij het gemeenschappelijke karakter van de Veertigdagentijd. De Veertigdagentijd als een weg die gelovigen samen opgaan, in de hoop dat dit ons brengt tot grotere aandacht voor God en voor de minsten in de maatschappij. De paus ziet graag dat de christelijke gemeenschappen ontvankelijk zijn voor de roep van hen die lijden “en door luisteren wegen openen naar bevrijding, zodat wij bereid en verlangend zijn bij te dragen aan de opbouw van een beschaving van liefde.”

* Tekst: (c) rkkerk.nl.
Paus Franciscus vorig jaar op Aswoensdag foto Vatican Media

Boodschap paus voor de Veertigdagentijd: ‘Laten wij samen op weg gaan in hoop’

Paus Franciscus laat zijn boodschap voor de Veertigdagentijd dit jaar aansluiten bij het thema van het Jubeljaar 2025: Pelgrims van hoop. Hij roept de gelovigen dan ook op om in de Vastentijd samen op weg te gaan, in hoop, met de blik gericht op het vieren van de Verrijzenis van Christus met Pasen!

De paus splitst zijn thema ‘Samen op weg gaan in hoop’ op in drie deelonderwerpen: op weg gaan, samen en in hoop. Alle drie de deelonderwerpen roepen op tot bezinning en bekering.

Paus Franciscus herinnert aan de exodus of uittocht van het volk Israël uit het land Egypte. Deze bevrijding uit slavernij doet denken aan de vele immigranten en vluchtelingen die op weg gaan uit vaak hopeloze situaties. Dat kan in de Veertigdagentijd aanleiding zijn om daarover na te denken:  ‘Het zou een goede oefening zijn om de concrete realiteit van menige migrant of pelgrim onder ogen te zien en ons er zo bij te laten betrekken dat wij ontdekken wat God van ons vraagt om betere reizigers te zijn op weg naar het huis van de Vader. Dat is een goed “onderzoek” voor een reiziger’ zegt de paus.

In synodaliteit

Hij roept verder op om vooral samen op weg te gaan, in synodaliteit: ‘Wij gaan in dezelfde richting, naar hetzelfde doel en luisteren daarbij naar elkaar met liefde en geduld.’ De derde oproep tot bekering gaat over hoop: ‘…de hoop, het vertrouwen in God en zijn grote belofte, het eeuwige leven. Wij moeten ons afvragen: ben ik ervan overtuigd dat God mijn zonden vergeeft? Of gedraag ik mij, alsof ik mij zelf wel zou kunnen redden?’ aldus paus Franciscus.

Hij besluit zijn boodschap met de volgende bedewens: ‘Moge de Maagd Maria, Moeder van de Hoop, voor ons ten beste spreken en ons geleiden op de weg van de Veertigdagentijd.’

* Dit artikel werd eerden gepubliceerd op https://www.rkkerk.nl/
* Foto: Paus Franciscus vorig jaar op Aswoensdag (c) Vatican Media.
Staatsieportret-kardinaal-Eijk-2-l-465x300

Boodschap Veertigdagentijd: ‘Hoop doet eeuwig leven’

Kardinaal Eijk heeft een boodschap gepubliceerd voor de Veertigdagentijd die Aswoensdag (14 februari) begint. In zijn Vastenboodschap getiteld ‘Hoop doet eeuwig leven’ sluit hij aan bij de SIRE campagne ‘Hoop doet leven’, die mensen aanmoedigt hun lichtpuntje te vinden. “Wij christenen hebben daarnaast een gezamenlijk en blijvend Lichtpunt waarop we onze hoop richten: Christus. Hij zegt immers Zelf: ‘Ik ben het licht van de wereld. Wie Mij volgt, dwaalt niet rond in de duisternis, maar zal het licht van het leven bezitten’ (Joh. 8,12),” aldus kardinaal Eijk.

Voor christenen geldt: hoop doet eeuwig leven, zo schrijft de aartsbisschop van Utrecht. “Want op Christus hebben wij onze hoop gevestigd en Hij is het die ons de weg wijst naar het eeuwig leven.” De Veertigdagentijd is een periode van onthouding, van inkeer, van verstilling. Kardinaal Eijk: “Gedurende deze veertig dagen kunnen we biddend onze hoop voeden. We bereiden ons voor op het Hoogfeest van Pasen, wanneer we vieren dat Christus de dood heeft overwonnen en ons daarmee is voorgegaan naar het huis van de Heer. Wij kunnen ons laten aanraken door Zijn licht – ook voor ons is de weg naar een nieuw en eeuwig leven mogelijk geworden.”

Dit hoopvolle christelijke perspectief van het eeuwig heil verdwijnt steeds meer uit de huidige geseculariseerde samenleving, zo signaleert kardinaal Eijk in zijn Vastenbrief. “Dat is misschien ook wel één van de verklaringen voor de zwaarmoedigheid van onze maatschappij: de troost die het geloof kan bieden, is bij velen onbekend; levensgeluk is tegenwoordig louter een individuele aangelegenheid geworden. Geluk is een kwestie van ‘nu of nooit’ want na de dood is er niets, zo is de overtuiging van menigeen. Wij christenen mogen echter vertrouwen op de woorden van Christus in het Evangelie van de derde zondag van de Veertigdagentijd, als Hij zegt dat Hij de tempel – Hij doelt op Zijn lichaam – in drie dagen zal doen herrijzen. ‘Toen Hij dan ook verrezen was uit de doden, herinnerden zijn leerlingen zich dat Hij dit gezegd had, en geloofden in de Schrift en in het woord dat Jezus gesproken had’ (Joh. 2,22).”

Zijn christenen dan immuun voor het ongeluk? Uiteraard niet, zo benadrukt kardinaal Eijk. “Je hoeft maar op bedevaart naar Lourdes te gaan om te zien hoeveel lijden ook christenen te verduren kunnen hebben. Maar wij kunnen over ons verdriet in gesprek gaan met de Heer, wij kunnen onze pijn aan de voeten van Maria leggen en haar vragen ons verdriet bij de Heer te brengen. En we hebben de hoop dat er hierna een betere wereld op ons wacht, waar we bij de Heer mogen zijn.”
“Sterker nog: voor ons christenen is het lijden de weg naar de hoop. … Op Goede Vrijdag gedenken en vieren wij Jezus’ kruisdood, waardoor de vergeving mogelijk wordt van onze zonden, van alle wegen die ons van God vervreemden en die we zelf willens en wetens hebben bewandeld, als we daar berouw over hebben. Daardoor kunnen we ons eigen lijden in dat van Jezus laten opgaan en samen met Hem dragen. Jezus’ kruis is voor de christen de diepste reden tot hoop.”

De Vastentijd is een periode van ont-hechten, “van afstand nemen van datgene waaraan we gehecht zijn om ruimte en tijd te maken voor God. Iets dat veel van onze tijd en energie kost en daarmee een sta-in-de-weg kan vormen tussen ons en de Heer is onze mobiele telefoon en dan vooral de sociale media die we daarop gebruiken. Deze kosten niet alleen veel tijd, er zijn steeds meer aanwijzingen dat het veelvuldig gebruik ervan kwalijke effecten heeft,” aldus kardinaal Eijk.
“De Veertigdagentijd leent zich bij uitstek om het gebed te herontdekken dan wel te verdiepen,” aldus kardinaal Eijk. Dat vraagt vaak wel om een aanpassing en het loslaten van sommige gewoontes, om ruimte te kunnen maken voor het gebed. Kardinaal Eijk: “In de Veertigdagentijd kunnen wij de last van de gewoonte afwerpen. Althans, van de slechte gewoonten en deze vervangen door goede, zoals tijd nemen voor gebed en omzien naar de ander. In die zin kan de Veertigdagentijd fungeren als een leerschool, die ook na deze periode blijvende vruchten voortbrengt. Ik wens u van harte een hoopvolle en vruchtbare Veertigdagentijd toe.”

Lees hier de gehele Vastenboodschap van kardinaal Eijk.

Dit artikel werd eerder gepubliceerd op www.aartsbisdom.nl

cruz jóvenes

Boodschap paus voor de Veertigdagentijd van 2023

Op 22 februari begint met Aswoensdag de Veertigdagentijd. In zijn boodschap voor de Veertigdagentijd legt paus Franciscus een relatie tussen het doel van de Vastentijd en dat van het synodaal proces. Het gaat bij beide om een persoonlijke en kerkelijke bekering. De paus maakt dit duidelijk aan de hand van een meditatie over de Gedaanteverandering van de Heer op de berg Tabor. We vinden deze passage in de evangelies van Matteüs, Marcus en Lucas. De Kerk leest dit evangelie jaarlijks op de tweede zondag van de Veertigdagentijd.

Lees meer op katholiekleven.nl

k. Eijk

Boodschap Veertigdagentijd: ‘Bekleedt u met de nieuwe mens’

‘Bekleedt u met de nieuwe mens’

Brief voor de Veertigdagentijd 2023

Willem Jacobus kardinaal Eijk, aartsbisschop van Utrecht

Broeders en zusters in Christus Jezus onze Heer,

Tijdens het schrijven van deze brief voor de Veertigdagentijd 2023 volgden de berichten uit het door aardbevingen getroffen Turkije en Syrië elkaar snel op. Elke dag werd het dodental naar boven bijgesteld en hoorden we hartverscheurende verhalen. Over mensen die wanhopig naar dierbaren zochten, terwijl de tijd wegtikte. Over families waarvan soms wel drie generaties in één klap omkwamen. De foto van de vader die de hand vasthield van zijn overleden dochter die nog onder het puin lag bedolven, is op ons aller netvlies gebrand. Hartverwarmend is dan ook hoe massaal en gul mensen geven voor de slachtoffers van de aardbevingen, onder andere tijdens de speciale collectes in onze parochiekerken.

In Oekraïne is ondertussen het nieuwe Russische offensief van start gegaan en lijkt inmiddels een jaar na het begin van deze oorlog de vrede verder weg dan ooit. Net als in de afgelopen twee jaar organiseert de Raad van Europese Bisschoppenconferenties (CCEE) daarom in deze Veertigdagentijd een ‘Eucharistische ketting’ onder de 39 leden. In alle bisdommen die deel uitmaken van de Bisschoppenconferenties van de CCEE worden in deze periode Heilige Missen gevierd voor de slachtoffers van de oorlog in Oekraïne en voor de vrede in dit land. In de Nederlandse bisdommen zal dit op vrijdag 17 maart zijn. In het Aartsbisdom Utrecht vindt deze Eucharistieviering plaats in de Utrechtse St. Catharinakathedraal om 19.00 uur, met aansluitend aanbidding van het Allerheiligst Sacrament. Oekraïners zullen tijdens deze viering liturgische gezangen in hun taal laten klinken.

Er zijn veel mensen die vragen naar het waarom van het leed waarover ik hierboven schreef. Hoe kunnen we geloven in een God die dat allemaal toelaat? De eerste mensen hebben zich echter van God losgemaakt door op Zijn troon te willen gaan zitten en zelf uit te maken wat goed en kwaad was. Op deze manier konden zij zichzelf eeuwig leven verschaffen, zo had de duivel hen voorgespiegeld. God dringt zich niet op. Hij respecteerde hun vrijheid, maar zij verloren wel de bijzondere genadegaven die zij aan het begin van Hem ontvingen. Zij vielen daarom terug op hun menselijke natuur, die kwetsbaar is. Zo kwamen het lijden, de dood, het aangeboren egoïsme en al het kwaad dat daaruit voortvloeit in de wereld. Men spreekt daarom van de zondeval.

De dood kan ook ons overvallen op de meest onverwachte momenten. Jezus vertelt daarover een parabel. Een rijk man heeft tevreden zijn bezit, zijn koren, opgeslagen in schuren en zegt bij zichzelf: “Man, je hebt een grote rijkdom liggen, voor lange jaren, rust nu uit, eet en drink en geniet ervan!” (Lc. 12,19). Maar God zegt tegen hem: “Dwaas! Nog deze nacht komt men je leven van je opeisen; en al die voorzieningen die je getroffen hebt, voor wie zijn die dan?” (Lc. 12,20).

Waar vinden we onze ware rijkdom? In God. En die rijkdom kunnen we ontvangen door Christus die ons met Zijn kruisdood en verrijzenis verlost van de erfzonde, alle andere zonden en uiteindelijk ook van de gevolgen daarvan, wanneer wij aan Zijn verrijzenis deel zullen krijgen. Daarom is het zo belangrijk dat wij ons via Christus tot God bekeren, dat wil zeggen ons leven (opnieuw) op Hem (gaan) richten.

De Veertigdagentijd is bij uitstek een geschikte tijd om die bekering gestalte te geven, het is immers “een gunstige tijd voor persoonlijke en gemeenschappelijke vernieuwing” (Boodschap paus Franciscus voor de Veertigdagentijd 2022). Maar bekering en vernieuwing komen meestal niet onmiddellijk tot stand, maar geleidelijk. Er is geen snel resultaat te boeken, we moeten er wat voor doen en wat voor laten. We kunnen de Veertigdagentijd die voor ons ligt dan ook opvatten als een reis waarbij we ons via Christus richten op God en afzien van wat ons overmatig bekoort en afleidt, waardoor we ons kunnen verwijderen van God, onze naaste of onszelf zoals God ons bedoeld heeft. We kennen de term ‘bezetenheid’ uit de Bijbel, waar gesproken wordt van demonen en onreine geesten die bezit nemen van mensen (vgl. Mc. 1,23; Mt. 9,32; Lc. 4,33). Maar er is daarnaast een andersoortige bezetenheid, die van het obsessieve gedrag en van de verslaving. Ons bezit kan blijkbaar bezit van ons nemen. Of het nu genotsmiddelen, sociale media of de hunkering naar spullen betreft: ze kunnen onze relatie met God gemakkelijk in de weg staan en ruis vormen op de lijn waardoor we Zijn stem niet goed meer kunnen horen. Dat geldt zeker ook voor roddelen of andere eigenschappen en gedragingen die polariseren of een ander onrecht doen.

Wil onze innerlijke tocht in de Veertigdagentijd vrucht kunnen dragen, dan moeten we onze ballast zoveel mogelijk achterlaten. Wat we wel meenemen is onze reisgids, de Bijbel. Daarin kunnen we ook lezen dat Iemand ons al lang geleden op een dergelijke tocht is voorgegaan: Christus Zelf. Hij werd door de Geest naar de woestijn gevoerd om door de duivel op de proef gesteld te worden, zoals we horen in de Evangelielezing (Mt. 4,1-11) op de Eerste zondag van de Veertigdagentijd. “Nadat Hij veertig dagen en veertig nachten had gevast, kreeg Hij honger. Nu trad de verleider op Hem toe en sprak: ‘Als Gij de Zoon van God zijt, beveel dan dat deze stenen hier in brood veranderen.’ Hij gaf ten antwoord: ‘Er staat geschreven: Niet van brood alleen leeft de mens, maar van elk woord dat komt uit de mond van God’.” Vervolgens probeerde de duivel Hem nog twee maal te verleiden, eerst om Zijn Goddelijke macht op de proef te stellen en ten slotte nam de duivel Hem mee naar een heel hoge berg, “vanwaar hij Hem alle koninkrijken der wereld toonde in hun heerlijkheid. En hij zei: ‘Dat alles zal ik U geven, als Gij in aanbidding voor mij neervalt’.” Dat deed hij om Jezus tot hoogmoed te verleiden. Dat was de oude truc waarmee hij ons tot de zondeval wist te brengen. Maar, “zei Jezus hem: ‘Weg, satan: er staat geschreven: De Heer uw God zult gij aanbidden en Hem alleen dienen.’ Nu liet de duivel Hem met rust en er kwamen engelen om Hem te dienen.”

De Veertigdagentijd is niet alleen de tijd om het contact met onze Heer te herstellen of te versterken. Het is eveneens de tijd om dat met onze medemens te doen. De Nederlandse Bisschoppenconferentie schreef in 1989 over vasten en onthouding onder meer: “Het is voorts passend, dat men zich in de Veertigdagentijd meer dan anders wijdt aan werken van christelijke naastenliefde en met meer toeleg het Woord van God leest.” En paus Franciscus benadrukte vorig jaar in zijn boodschap voor de Veertigdagentijd: “Laten we niet moede worden goed te doen” (Gal. 6,9). Die oproep geldt in de Veertigdagentijd, maar ook op alle andere dagen van het jaar. En daar wordt gehoor aan gegeven door de Nederlandse kerken, zo blijkt uit het driejaarlijkse armoederapport dat in januari van dit jaar werd gepresenteerd. Het geschatte aantal uren dat betaalde en onbetaalde krachten in de Nederlandse kerken in 2021 besteedden aan het ondersteunen van mensen in armoede komt uit op 2,3 miljoen. Daarnaast werd dat jaar een omvangrijk bedrag uitgegeven aan armoedebestrijding: in totaal ruim 40 miljoen euro. Ook het diaconale hart van de parochies in het Aartsbisdom Utrecht is krachtig, weet ik uit ervaring. Vele projecten en initiatieven halen hun inspiratie uit de werken van barmhartigheid die in het Evangelie volgens Matteüs worden genoemd: “Want Ik had honger en gij hebt Mij te eten gegeven. Ik had dorst en gij hebt Mij te drinken gegeven. Ik was vreemdeling en gij hebt Mij opgenomen. Ik was naakt en gij hebt Mij gekleed, Ik was ziek en gij hebt Mij bezocht, Ik zat in de gevangenis en gij hebt Mij bezocht” (Mt. 25,35-36).

Ik vraag hier niet voor het eerst aandacht voor een speciale groep gevangenen: de eenzame mensen (vgl. Boodschap voor de Veertigdagentijd 2014). Eenzaamheid is de grote tragiek van deze individualistische tijd, waarin mensen vaak buiten een sociaal netwerk vallen. Deze eenzame mensen zitten gevangen in hun bestaan. Het blijkt dat er geen tralies voor de ramen hoeven te zitten om toch tot eenzame opsluiting veroordeeld te zijn. Ook voor hen gelden de indringende woorden van Christus in het Evangelie volgens Matteüs: “Ik zat in de gevangenis en gij hebt Mij bezocht.” Ik roep dan ook op om hun stilte te verbreken en contact met hen te leggen – in de Veertigdagentijd maar ook in de periode daarna.

Paus Franciscus stelt dat de Veertigdagentijd ons ieder jaar eraan herinnert dat “het welzijn evenals liefde, gerechtigheid en solidariteit, niet eens en voor altijd wordt bereikt; zij moeten elke dag veroverd worden” (Encycliek Fratelli tutti, 11). Daartoe moeten we de woorden van Paulus aan de christenen van Efeze ter harte nemen: “Want gij hebt van Hem gehoord en zijt in Hem onderricht naar de waarheid die in Jezus is: dat gij de oude mens van uw vroegere levenswandel, die te gronde gaat aan zijn bedrieglijke begeerten, moet afleggen en dat geheel uw denken zich moet vernieuwen. Bekleedt u met de nieuwe mens, die naar Gods beeld is geschapen in ware gerechtigheid en heiligheid” (Ef. 4,21-24).

Ik wens u van harte een gezegende Veertigdagentijd toe, waarin u inderdaad bekering en vernieuwing zult ervaren. Lijkt dat moeilijk? We hoeven en kunnen het ook niet op eigen kracht. De Veertigdagentijd is tevens een tijd van meer toeleg op het gebed en de viering van de sacramenten, waarbij ik in het bijzonder noem het sacrament van boete en verzoening en dat van de Eucharistie. Voedsel voor onderweg is de Eucharistie, door het Tweede Vaticaans Concilie “de bron en het hoogtepunt van heel het christelijk leven” genoemd (Lumen gentium, 11). In de Eucharistie ontmoeten wij Christus, de verrezen Heer. Hij geeft ons wat wij nodig hebben, als wij met Hem op weg zijn naar het hoogfeest van Pasen. Dat het ons allen moge vernieuwen en versterken in geloof, hoop en liefde voor God en elkaar, bekleed als we zijn bij onze Doop met Jezus Christus.

 

+ Willem Jacobus kardinaal Eijk,

Aartsbisschop van Utrecht

Utrecht, Aswoensdag 22 februari 2023

 

Lees hier de gehele Vastenboodschap van kardinaal Eijk.

Foto: Ramon Mangold

Doordeweekse Vieringen

Maandag
08.00 uur Aloysius
08.00 uur Klooster Cenakel
12.00 uur Augustinus
19.00 uur Catharina
1e maandag van de maand: 10:00 uur: Kapel
Barbarabegraafplaats
Dinsdag
08.00 uur Aloysius
08.00 uur Klooster Cenakel
09.00 uur Rafaëlkerk
09.30 uur Dominicus - wereldwake
12.00 uur Augustinus
19.00 uur Catharina
Woensdag
08.00 uur Aloysius
08.00 uur Klooster Cenakel
Woe 10.00 uur Josephviering - kapel Zuster Augustinessen
12.00 uur Augustinus
19.00 uur Catharina
1e woensdag van de maand: Rozenkrans om
19.00 uur in de Johannes-Bernardus.
Maandelijks: Lectio Divina om
20.00 uur in de St. Catharinakathedraal.
Donderdag
08.00 uur Aloysius
08.00 uur Klooster Cenakel
09.00 uur Rafael
12.00 uur Augustinus
1e en 3e donderdag van de maand
19.30 uur Sant'Egidio, Augustinuskerk.
Vrijdag
08.00 uur Aloysius
08.00 uur Klooster Cenakel
09.00 uur Wederkomst des Heren
ochtendgebed
10.00 uur Aloysius - gebedsviering
10:00 uur: Dominicus
12.00 uur Augustinus
18.00 uur Augustinus: Ambrosiaanse vesper
19.00 uur Catharina
1e Vrijdag van de maand

10.00 uur H. Mis (Josephgemeenschap)
kapel Zusters Augustinessen

Zaterdag
08.00 uur Klooster Cenakel
12.00 uur Augustinus

 

Algemeen Contact

Adressen van de kerken

Aloysiuskerk
Adriaen van Ostadelaan 2

Sint Antoniuskerk
Kanaalstraat 198

Sint Augustinuskerk
Oudegracht 69

Sint Catharinakathedraal
Lange Nieuwstraat 36

Sint Dominicuskerk
Palestrinastraat 1

Johannes-Bernardus
Oranje Nassaulaan 2

Nicolaas-Monica-Jacobus (NMJ)
Boerhaaveplein 199

Sint Pauluskerk
Willem de Zwijgerplantsoen 19

Rafaëlkerk
Lichtenberchdreef 4

Wederkomst des Heren / “Buurthuis Bij Bosshardt”
Marco Pololaan 10

Parochiesecretariaat Utrecht

Adriaen van Ostadelaan 4
3581 AJ Utrecht

Openingstijden:
Maandag: 10.00 – 15.30 uur
Dinsdag & Donderdag: 10.00 – 17.00 uur
Tel: 030 – 254 6147
E-mail: secretariaat@katholiekutrecht.nl