PaulHoudijk

In memoriam organist Paul Houdijk

Maarschalkerweerd orgel Kathedraal St Catharina te Utrecht

Een begaafd bespeler van dit fantastisch instrument in verschillende decennia dat Paul verbonden was met zijn Kathedraal. Zijn orgelspel stelde hij geheel in dienst van de liturgie. Hij hield bij voorkeur van de Franse romantische werken. Mocht drie CD uitbrengen, waarvan de laatste vorige jaar november, waarbij hij tegelijk zijn 40 jarig jubileum vierde als musicus in een feestelijk viering op zaterdagavond.

Dat was regelmatig zijn avond waarop hij vaak speelde. De laatste jaren in de Vredeskapel, waar hij dichtbij kon meevieren met de kerkgangers. Zijn voorkeur bleef uiteraard uitgaan naar het Maarschalkerweerd orgel.

Er valt nog veel meer over hem te vertellen in zijn dienstbaarheid als musicus. Nu staan wij stil bij zijn heengaan afgelopen zondag. Hoe toepasselijk in gelovig opzicht.  Wij wensen zijn vrouw Willy, hun kinderen en kleinkinderen sterkte toe bij dit verlies van hun dierbare man, vader, schoonvader en opa. Zoals u kunt lezen nemen wij vrijdag 5 juli afscheid van Paul om 10.30 uur in de St. Catharina Kathedraal.

Plebaan Hans Boogers

Bekijk hier ook het artikel van Katholiek Utrecht over Paul Houdijk.

4f5ee207-da56-4eb2-bc8b-398060406ae5

De muzikale roeping van Paul Houdijk

Organist en musicoloog Paul Houdijk vierde op 24 november jl. zijn veertigjarig jubileum als kerkorganist van de Sinte Catharinakathedraal. Tijdens de zaterdagavondmis, gemiddeld eens per maand op zondag bij de gregoriaanse mis,  en bij de hoogfeesten op doordeweekse dagen bespeelt hij het Maarschalkerweerdorgel. Nu viel dat jubileum ook nog eens samen met de uitgave van zijn derde album: L’organist Romantique. Reden genoeg voor katholiekutrecht.nl om eens met Paul te praten over zijn liefde voor de kerk, het instrument en zijn prachtige muziek.

Paul komt zijn hele leven al in de kerk en hij wist al vrij vroeg dat hij later orgel wilde spelen. Als kind speelde hij al blokfluit. ‘Daar kwam later de piano bij’ vertelt Paul, ‘dus dan heb je al iets van toetsen in combinatie met fluiten’ lacht hij vrolijk. Het klinkt alsof Paul muziek er met de paplepel in kreeg, komt hij uit muzikale familie? ‘Nou, vooral mijn moeder … En mijn opa, die kon alle Beethoven sonates op de piano spelen en dat terwijl hij banketbakker was. In die tijd had je dat veel meer dan nu.’ De combinatie van muziek en geloof heeft voor Paul altijd een extra dimensie gehad. ‘Ik ben altijd al gelovig geweest en muziek die daar eer aan deed sprak me daarom natuurlijk heel erg aan.’ Paul speelde voor het eerst in de Sinte Catharinakathedraal toen hij nog aan het conservatorium studeerde. ‘Dat was halverwege de jaren ’70’ vertelt hij, ‘ze zochten een organist voor de zaterdagavondmissen en toen ze mij vroegen vertelde ze dat ik helaas wel op een ‘rotorgel’ moest spelen.’ Maar toen Paul achter dat ‘rotorgel’ aanschoof, had hij meteen door dat het weldegelijk een heel goed orgel was.

‘Vroeger zag deze kathedraal er van binnen net zo uit als de Willibrordus’ vertelt Paul terwijl hij het schip van de Catharina in gebaard, ‘dat was allemaal neogotiek uit de periode van de katholieke emancipatie. De katholieken hadden toen de Catharina teruggekregen van koning Willem II. Echter in de jaren ’60 van de twintigste eeuw moest dat er allemaal weer uit.’ Er ontstond in die periode een gedachtegoed dat grote gevolgen had voor het kerkinterieur. ‘De monnikenbanken hier zijn eigenlijk gescalpeerd, want die hadden hele grote rugstukken die tot boven je hoofd gingen en dat hebben ze er ten allemaal afgezaagd.’ Alles wat de neogotische sfeer van de katholieke emancipatie ademde moest verdwijnen en zo eindigde bijvoorbeeld ook de preekstoel in stukken gehakt in de tuin van de pastorie. Het verhaal van Paul klinkt bijna als een tweede beeldenstorm. ‘Dat was het in feite ook’ beaamt hij, ‘het was ook een tijd waarin men hele andere kerkmuziek wilde. Dat betekende dat het oude koor dat hier zong, Gregorius Magnus, naar huis werd gestuurd.’ Daar kwam het nieuwe Kathedrale Koor Utrecht voor in de plaats en overeenkomstig de ideeën van die tijd oriënteerde dat koor zich vooral op de volkszang, de oude muziek en muziek uit de twintigste eeuw. De religieuze muziek van de negentiende eeuw had toen minder prioriteit.  ‘Dat is nu allemaal wat ruimer geworden hoor, maar in die tijd was het wel een beetje een ideologie’ legt Paul uit. Binnen die ideologie vond men ook het Maarschalkerweerdorgel niet meer passen, en zo viel het instrument in ongenade. Na de grote verbouwing van de kerk in de jaren ’60 wilde men dus een heel ander soort orgel. Maar daar was geen geld meer voor, en dat bleek de redding van het orgel. Uit geldgebrek hebben ze het orgel maar laten staan.

Toen Paul voor het eerst achter het Maarschalkerweerdorgel plaats nam, kwam hij er al snel achter dat het eigenlijk een prachtig instrument is. ‘Dit orgeltype was oorspronkelijk bedoelt voor begeleiding van het Gregoriaans en de uitgeschreven orgelpartijen van missen voor koor en orgel. Daarnaast had en heeft het nog een andere functie: met passende orgelmuziek en improvisatie moe(s)t het de kerkgangers verheffen om ze in aanraking met het bovennatuurlijke te brengen. Dat is een functie die het orgel typisch in de katholieke kerk had, en eigenlijk nog steeds heeft of in ieder geval zou moeten hebben.’ Tegenwoordig is het Maaschalkerweerdorgel weer helemaal gerehabiliteerd en is er een hernieuwde belangstelling voor de muziek waar het orgel ooit voor bedoeld was. Hoe verklaart Paul dat? ‘Nou, in de geschiedenis komen dingen vaak terug. In de late romantiek was het orgelspel allemaal wat warmer en milder van klank en daar is in deze tijd ook weer meer behoefte aan. Bovendien zijn orgelhistorische kennis en inzicht enorm toegenomen.’ Dat de muziek uitdrukking geeft aan de geloofservaring stond ook in een prachtige brief die hij ter gelegenheid van zijn jubileum heeft gekregen van kardinaal Eijk, de hulpbisschoppen, en de econoom van het aartsbisdom. Bovendien werd Paul op 24 november j.l.  onderscheiden met de Willibrordplaquette, vanwege zijn verdiensten als organist voor de kathedraal.

Het is Paul echter niet altijd voor de wind gegaan, zo werd hij op een gegeven moment gediagnostiseerd met de oogziekte retinitis pigmentosa. ‘Dat is een degeneratieproces in het netvlies waarbij staafjes en kegeltjes verdwijnen’ legt hij uit. Zo verloor Paul langzaamaan zijn zicht. Heeft dat hem gehinderd in zijn werk als organist? ‘Ja, vroeger kon ik nog noten lezen, maar nu moet ik alles uit mijn hoofd leren en dat is een zware klus. Kijk, een concert van een uurtje is wat anders, maar zaterdag heb ik een hele mis plus daarna nog een klein concert. Nou, dan is het wel een hele zit als je alles uit je hoofd moet doen.’ Volgens Paul is er echter geen gradueel, maar een wezenlijk verschil tussen heel moeilijk en onmogelijk. ‘Zolang het nog zeer moeilijk is sta ik te juichen’ zegt hij vastberaden ‘-zo moet je het zien.’ Uit alles blijkt dat Paul het leven als kerkorganist als een roeping ziet, maar ervaart hij dat ook zo? ‘Eigenlijk wel’ beaamt hij, ‘het is natuurlijk een beroep, maar het voelt uiteindelijk als een roeping. Het is net alsof ik niet zelf heb bedacht dat ik dat moest worden.’ Net als het Maarschalkerweerdorgel het beste klinkt wanneer er  de muziek op wordt vertolkt waar het voor ontworpen is, zo doet een mens het ook het best in het leven wanneer hij de roeping leeft die hij van God gekregen heeft. Uit alles blijkt Paul een gelukkig mens die dankbaar is voor zijn roeping als kerkorganist. In maart viert hij zijn 66ste verjaardag en dan zal ook zijn pensioen dichterbij komen. Wat Paul betreft is daarmee zijn orgelspel echter nog niet afgelopen. ‘Ik zou dan graag nog steeds iets willen betekenen voor de parochies als vrijwilliger – dat werkt zo voor mij, juist omdat het een roeping is’.

Pauls nieuwe CD, L’organiste Romantique, is inmiddels te koop, ook in de kathedraal, bijvoorbeeld tijdens de donderdag-of zaterdagkerkopenstelling. ‘Het is mijn derde album en ik ben er heel erg dankbaar voor dat ik dat nog heb kunnen doen. Een drieluik was altijd al een beetje mijn plan. Het is een mooi getal, drie, ook in de drie-eenheidsgedachte’, hoewel  hij een vierde album in de toekomst niet helemaal uitsluit. Op het moment is Paul echter vooral met een ander project bezig: ‘in het verleden heb ik al het nodige geschreven over Maarschalkerweerd en zijn tijd, en dit orgel in het bijzonder. Nu ben ik bezig met het schrijven van een boek over dit onderwerp. Daarover ging vroeger ook al mijn doctoraalscriptie en die ben ik nu dus verder aan het uitwerken. Het zou een proefschrift kunnen worden, maar het zou ook gewoon een boek kunnen worden. Het is een hele interessante tijd, de periode van de katholieke emancipatie, en alle dingen die daar bijkwamen, de kerkmuziek, de architectuur en de orgelbouw zelf.’

Meer informatie over Paul Houdijk, het Maarschalkerweerdorgel en zijn muziek kunt u vinden op www.paulhoudijk.nl

Tekst en foto’s: Erik Hendrix

DSCN0296

Denken over de toekomst

Het kwam als een donderslag bij heldere hemel toen op 28 mei j.l. bekend werd gemaakt dat de Personele Unie de Catharinakerk aan de bisschop wil voordragen om aan de eredienst te onttrekken. Het nieuws haalde de nationale kranten en een naam die daarin vaak terugkeerde was die van Wouter van Belle. Van Belle werd zo, tegen wil en dank overigens, de gedoodverfde leider van een vooralsnog niet-bestaande opstand. “Ik wil graag meteen duidelijk maken dat ik geen oprichter van een actiegroep ben,” zegt Van Belle, “sterker nog: er ís helemaal geen actiegroep!” Al ruim dertig jaar is Van Belle organist van de Catharinakathedraal en op de vraag wat hij dan wel is, beschrijft hij zich eenvoudigweg als een bezorgde medewerker en parochiaan.

Van Belle spreekt met veel passie over de kathedraal. Op de vraag of Van Belle het eens is met de stelling dat één van de twee binnenstadkerken (dat wil zeggen: de Catharina of de Augustinus) moet verdwijnen antwoordt hij bedenkelijk en weloverwogen: “Niet per se. Ik vind het teruglopend kerkbezoek bijvoorbeeld geen sterk argument. We moeten ons eerst afvragen waar het door komt dat het kerkbezoek terugloopt. Ik zie bijvoorbeeld elders in Nederland, en zelfs hier in Utrecht, voorbeelden van gemeenschappen waar het kerkbezoek helemaal niet terugloopt. Kijk bijvoorbeeld naar de Gerardus Majella. Die kerk loopt goed omdat daar initiatieven worden ontplooid. De broeders van Sint Jan zijn heel actief en weten veel jonge mensen aan te trekken.”

Van Belle vraagt zich hardop af of de Personele Unie (d.w.z. het bestuur van de samenwerkende parochies) werkelijk alle mogelijkheden heeft overwogen in een poging om beide kerken open te houden. “Ik kan me een paar scenario’s voorstellen waarin het helemaal niet nodig is om één van de twee binnenstadkerken te sluiten. Waarom zou een congregatie als de Broeders van Sint Jan de Augustinus niet over kunnen nemen?’ Van Belle noemt een hele reeks aan mogelijkheden, waaronder ook betere contacten met het Ariënskonvikt en haar priesterstudenten. Hij roept in herinnering de oude constructie waarin de rector tegelijkertijd de plebaan van de kathedraal was. “Dit zijn allemaal ideeën, ik zeg niet dat het ook meteen oplossingen zijn, maar het laat zien dat er veel andere mogelijkheden zijn dan meteen sluiten.” Zijn voornaamste bezwaar tegen de sluiting is dat er vanuit de Personele Unie hoofdzakelijk wordt gesproken over te hoge kosten, maar dat er verder geen transparantie is over de eigenlijke berekeningen die daarbij gemaakt worden. “Ook vraag ik me af wat de inhoud van de gesprekken met Museum Catharijne Convent zijn. Wil de Personele Unie de Catharina echt verkopen of krijgt het museum de kathedraal misschien in bruikleen? Die zaken tellen voor mij ook mee.”

Vanuit het bestuur bestaat er ook de wens om met parochianen in gesprek te gaan over de toekomst van de samenwerkende parochies. Vooralsnog ontbreekt het echter vooral aan initiatief aan de basis. Zonder een toegewijde werkgroep van parochianen die zich met de toekomst van de katholieke kerk in Utrecht wil bezighouden, heeft de Personele Unie geen klankbord en geen gesprekspartner. Katholiekutrecht.nl wil daarom graag een oproep doen aan al haar lezers: Bent u in staat om verder te kijken dan alleen de belangen van uw eigen geloofsgemeenschap? Wilt u meedenken over de toekomst van de katholieke kerk in de stad Utrecht? Bent u bereid om onderdeel uit te maken van een werkgroep die op een kritische en constructieve manier met de Personele Unie in dialoog wil gaan over deze thema’s? Stuur dan een mailtje naar communicatie@katholiekutrecht.nl en wij brengen u graag met elkaar in contact.

Tekst en foto’s: Erik Hendrix

Gwenne Braam

Voorstellen Vormelingen

Tijdens de viering van zondag 8 april zijn de twee Vormelingen uit onze geloofsgemeenschap voorgesteld, zodat iedereen weet wie ze zijn.

Eerst Justin Rakké en wat later Gwenne Braam.

Beide gaven aan dat ze heel bewust zelf gekozen hebben om het traject voor de Vormselviering te gaan doen en graag het H. Vormsel willen ontvangen.

We wensen hen een hele mooie viering op zaterdag 19 mei as in de St. Catharinakathedraal.

Gwenne Braam     Justin Rakké

 

Wekelijkse Vieringen

Maandag
8:00 uurAloysius
8:00 uurKlooster Cenakel
12:30 uurKapel zusters  Waterstraat
19.00 uurCatharina
  
1e maandag van de maand: 10:00 uur: Kapel Barbarabegraafplaats
  
Dinsdag
8:00 uurAloysius
8:00 uurKlooster Cenakel
10:00 uurAloysius
12:30 uurKapel zusters  Waterstraat
19.00 uurCatharina
  
Woensdag
8:00 uurAloysius
8:00 uurKlooster Cenakel
9:30 uurJoseph
12:30 uurKapel zusters Waterstraat
18:30 uurCatharina: Rozenkrans
19:00 uurCatharina
19:00 uurGertrudis
19:00 uurAntonius: Vesper (vervalt in juni, juli en augustus)
  
Op de woensdagen in de 40-dagentijd is er een Oecumenische vesper om 19:00 uur afwisselend voorgegaan door een dominee en pastor Hans Harmsen.

3e woensdag van de maand: Rozenkrans om 19:00 uur in de Johannes Bernardus. In de Mariamaanden (mei en oktober) is het Rozenkrans gebed elke woensdag om 19.00 uur.

  
Donderdag
8:00 uurAloysius
8:00 uurKlooster Cenakel
9:00 uurRafael
12:30 uurKapel zusters Waterstraat
19.00 uurCatharina
  
1e en 3e donderdag van de maand: 19:00 uur: Dominicus Wereldwake
  
Vrijdag
8:00 uurAloysius
8:00 uurKlooster Cenakel
9:00 uurWederkomst des Heren – ochtendgebed
10:00 uurAloysius
12:30 uurKapel zusters Waterstraat
18:00 uurAntonius: gregoriaanse vesper
19.00 uurCatharina
  
1e vrijdag van de maand
10:30 uurJacobus
10:00 uurJohannes Bernardus
10:30 uurJoseph
10:00 uurDominicus
  
3e en 5e van de maand: 10:00 uur: Johannes Bernardus
2e van de maand: 16:00 uur, kleine viering Josephkerk
1e en 3e van de maand: 19:30 uur: San’Egidio Kapel zusters Waterstraat
 
Zaterdag
8:00 uurKlooster Cenakel
11:15 uurNoodkapel Voorportaal: Rozenkrans
12:00 uurKapel zusters Waterstraat
18.30 uurCatharina

Algemeen Contact

Parochiesecretariaat Utrecht

Adriaan van Ostadelaan 4
3581 AJ Utrecht

Openingstijden:
Maandag – Donderdag: 09.00 – 16.00 uur
Vrijdag: 09.00 – 12.00 uur
Tel: 030 – 254 6147
E-mail: secretariaat@katholiekutrecht.nl