Foto Frans van der Lugt

Pater Frans – Leven en lijden in Homs

‘Mijn naam is pater Frances. Ik spreek tot jullie vanuit de oude en belegerde stad Homs. Een van de grootste problemen is de honger. Er is niks te eten. Niets is erger dan mensen op straat te zien die iets te eten zoeken voor hun kinderen.’

Vijf jaar geleden maakte deze noodkreet van de Nederlandse pater Frans van der Lugt S.J. vanuit Syrië grote indruk. Velen waren Homs ontvlucht, maar Van der Lugt bleef tot het bittere einde. Het simpele filmpje, gefilmd met mobiele telefoon, kwam terecht bij alle journaals van Nederlandse tv-zenders. De wanhopige boodschap kreeg een triest vervolg. Pater Frans werd op 7 april 2014 om 8 uur ’s morgens vermoord in Homs. Wereldwijd werd er om hem gerouwd.

Vijf later is abouna (‘vader’) Frans, zoals hij door veel Syriërs werd genoemd, nog steeds niet vergeten. Frans van der Lugt, pater en psycholoog, was Syriër met de Syriërs, en nog zo veel meer. Talloze mensen inspireerde hij. Wie was hij, hoe herinneren mensen zich hem? Een eigentijds paasverhaal over een bijzondere man, die zijn leven gaf voor ‘zijn’ mensen en het geloof.

Frans van der Lugt wordt in 1938 geboren in een katholiek bankiersgezin in Den Haag. Na zijn eindexamen besluit hij toe te treden tot de jezuïeten. Hij studeert filosofie en theologie.

In 1964 vertrek naar het Midden-Oosten, studeert Arabisch in Beiroet. In 1966 gaat hij in de Syrische stad Homs werken in het onderwijs.

Het Syrische Homs zal in zijn leven een centrale plaats gaan innemen. Gedurende korte of langere tijden verblijft hij in buitenland voor studie of werk maar telkens zal hij er terugkeren. Hij studeert theologie in Lyon, vervolgens psychologie en wordt in 1971 tot priester gewijd. Hij verdiept zich in yoga en zen-meditatie en promoveert in de psychologie. In de periode 1978-1980 werkt hij als groepsleider bij het internaat De Breul in Zeist. In 1992 wordt hij benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

Hij werkt een aantal jaren in Damascus als studentenpastor. In 1993 keert hij weer terug naar Homs als studentenpastor. In 1996 sticht hij bij Homs het ontwikkelingsproject Al Ard (‘Het landgoed’) bestaande uit een wijngaard, een hostel en een opvangcentrum voor mensen met een beperking. In het weekend is er een vast programma van yoga, meditatie, gespreksgroepen en wandelingen, met name gericht op jongeren. Zowel moslims als christenen komen in grote getale.

2011 keert Frans van der Lugt terug naar Homs, door de inmiddels uitgebroken oorlog is het te gevaarlijk geworden in Al Ard. Als Homs dreigt te worden belegerd blijft Van der Lugt, ondanks herhaalde verzoeken om te vertrekken. In januari 2014 vraagt hij met een videoboodschap op YouTube hulp voor de bevolking van de inmiddels belegerde stad.

Op 7 april wordt hij in Homs in de residentie van de jezuïeten vermoord en de volgende dag aldaar in de tuin begraven. Tot op heden is niet duidelijk wie hem vermoord heeft. Hij zou vermoord zijn door rebellen, maar volgens anderen door handlangers van Assad.

Achternaam

De Syrische Rony Shevan van der Lugt (29) heeft Frans van der Lugt goed gekend. Rony woont ruim vijf jaar in Nederland, samen met zijn vriend vluchtte hij uit Syrië. Hij studeert voor een master in human rights, wacht op zijn Nederlandse paspoort en is bezig om zijn achternaam in ‘Van der Lugt’ te laten veranderen.

Rony groeide op in een gegoed Syrisch gezin in Dubai en Aleppo. Zijn vader heeft een Armeens-christelijke achtergrond, zijn moeder is joods. Op zijn 14e gingen zijn ouders uit elkaar. Een moeilijke tijd: ‘Ik wist eigenlijk wel dat ik homo was, maar dat wilde ik niet. Ik zat helemaal in de knoop met mezelf, ik wilde dat ik een toverstafje had om mezelf te veranderen.’

Via via kwam hij terecht bij Frans van der Lugt in Homs. Van der Lugt liet hem zijn verhaal vertellen en zei: ‘Het medicijn zit in jou. Jezus houdt van jou zoals je bent. Jij moet leren om jezelf te accepteren.’ Het was het begin van een vriendschap en voor Rony de ommekeer: ‘Zijn woorden hebben mij gered!’

‘Frans was voor mij een speciaal iemand. Frans was een goed mens, een heel lieve man. Hij kon met iedereen overweg en praatte met iedereen. Hij kon heel grappig zijn, we hebben ontzettend met hem gelachen.

‘Hij accepteerde de mensen. Dat was zo bijzonder. Iedereen was welkom bij hem op Al Ard. Er was een sfeer van gezelligheid, vriendschap. De mensen hielden van Frans, maar niet iedereen. Frans ging zijn eigen gang. Reken maar dat veel leiders dat maar niets vonden.

Toen de Arabische lente begon in 2011 demonstreerde Rony mee en zette hij zich in voor mensenrechten. Hij werd daarom gearresteerd en verdween achter tralies. Na een zwaar half jaar kwam hij vrij en besloot te vluchten naar Libanon. Daar ontving hij een uitnodiging van de Nederlandse overheid voor asiel in Nederland. Nu woont hij in Utrecht: ‘Nu voel ik me een Utrechtenaar.’

Twee jaar geleden maakte een grote groep Syrische vluchtelingen uit West-Europa een lange wandeltocht ter nagedachtenis aan Frans van der Lugt. Rony was niet welkom om het woord te voeren: ‘Ze wilden niet dat er over de rechten van homo’s werd gesproken. Ik laat me niet de mond snoeren, nooit meer. Ze willen van Frans een heilige maken, maar Frans zei altijd: ik ben niet heilig.’

Waarom wil Rony zijn achternaam veranderen? ‘Het is voor mij een eerbetoon aan Frans en wat hij voor mij heeft gedaan. Ik wil graag in contact komen met zijn familie, ze vertellen wat Frans voor mij betekend heeft. Het zou zo fijn zijn als ze me hun zegen zouden willen geven.’

Hoe is het om over Frans van der Lugt te praten: ‘Ik mis hem, ik mis zijn advies. Ik vind het moeilijk dat ik hier ben en dat het Syrië waar Frans zo van hield, niet meer bestaat. Syrië mist hem, het land en de mensen hebben iemand als Frans nodig!’

Bevrijd

Ook parochiaan Peter Raedts (70) heeft Frans van der Lugt gekend. Raedts kerkt bij de Catharina en de Paulus en doceerde jarenlang aan diverse universiteiten Middeleeuwse geschiedenis en theologie. Net als Van der Lugt trad hij toe tot de orde van de Jezuïeten. In 1998 trad hij uit.

Vlak na zijn priesterwijding maakte hij begin jaren tachtig van de vorige eeuw een maandenlange reis door Syrië, Libanon, Israël en Jordanië. Het was het begin van een levenslange fascinatie voor deze bijzondere regio. ‘Ik heb daar echt de geschiedenis ervaren, het is het gebied waar de drie grote godsdiensten hun oorsprong vinden. Heel bijzonder hoe er zoveel verschillende religies en culturen daar naast elkaar leven. De mensen zijn er zo gastvrij.’ En er was nog iets: ‘Al heel lang werken er jezuïeten in het Midden-Oosten, je vindt ze er overal, met name in het onderwijs en de vorming van jongeren.’

Tijdens deze reis door het Midden-Oosten logeerde hij ook een tijd in het huis van pater Frans van der Lugt in de Homs en trok hij intensief met hem op. Een intense ervaring

waaraan hij dierbare herinneringen bewaart. Van der Lugt had hij al eerder leren kennen. Zowel Raedts als Van der Lugt werkten een korte tijd op het internaat van de Breul in Zeist.

Wat trof hem bij Van der Lugt? ‘Frans van der Lugt kon met iedereen communiceren, hij was oprecht geïnteresseerd in de ander. Hij was bovendien een goede psycholoog en een nog betere luisteraar. Hij was vrijgevig, royaal met zijn tijd en aandacht.’

Een gebeurtenis staat Raedts nog duidelijk voor de geest: ‘Op een dag nam Frans me mee naar een christelijk-orthodox dorp in de bergen. Daar was al maandenlang een slepend conflict tussen de dorpsoudsten over wie er de pastoor moest worden. Ze kwamen er maar niet uit en deden een beroep op Frans.’ Na een lange tocht kwamen ze in het dorp: ‘Frans

had oor voor iedereen, bemiddelde en kwam uiteindelijk met een kandidaat die voor iedereen acceptabel was. Hij nam daar alle tijd voor. Heel indrukwekkend. Bovendien sprak hij niet alleen heel goed Hij Arabisch, hij sprak het dialect van de streek.’

Frans van der Lugt kwam uit een chique achtergrond: ‘ik denk dat dat ook een keurslijf was voor hem, hij had grote behoefte aan vrijheid. In Syrië had hij de ruimte ondanks dat het een conservatief land is. Zelf was hij wars van autoriteit of regels. Op mij maakte hij de indruk van een vrij mens, in zijn geloof en in zijn doen en laten. Bevrijd. En dat gevoel gaf hij anderen ook. Heel mooi.’

‘Zijn meedogenloze dood heeft mij vervuld van een diepe droefheid en mij opnieuw doen denken aan zoveel mensen die lijden en sterven in dit gekwelde land, mijn veelgeliefde Syrië.’
Paus Franciscus naar aanleiding van de dood van Frans van der Lugt

‘Liefde is er voor de goeden en de kwaden. God houdt van alle mensen. We zijn verlost door Christus. Niet door zijn lijden maar door zijn liefde.’
– Frans van der Lugt

‘Ik ben een Syriër geworden. Ik heb heel veel van Syrië ontvangen, en ik wil nu ook mee lijden met de mensen die het heel moeilijk hebben. Ik wil graag voor hen, zo mogelijk, een bron van troost zijn. Ik ben de herder van mijn schapen. Je vraagt iemand die thuis is toch niet waarom hij blijft?’
– Frans van der Lugt

Er zijn diverse boeken over Frans van de Lugt verschenen:

Frans van der Lugt SJ, 1938 – 2014, Bruggenbouwer en martelaar in Syrië – Paul Begheyn SJ (red.) Valkhof Pers

Pater Frans, vijf jaar later, Jan Stuyt SJ, Uitgeverij Adveniat

Wie ben jij, o liefde, verzameld werk van pater Frans, Frans van der Lugt S.J. – Kok Boekenscentrum

Er is een website aan Frans van der Lugt gewijd: www.fransvanderlugt.org

Tekst: Adeline Riesselman

IMG_3733

Het Klooster Maria Aladhra

Het is vrijdagmorgen,  6 april. Vandaag zijn er geen lesgroepen, zoals die alle dagen het klooster bevolken. Want vrijdag is hier de Dag van Allah; gebed in de moskee, en vrij van betaalde banen. Ik verwachte een rustige ochtend, alleen de twee paters en ik voor het ontbijt. Al lang voordat het ontbijt begon (kloosterritme kun je hier vergeten) was er een grote groep mensen, enkele gezichten bekend. Blijkt dat het Christian Peacemaker team drie zondagen op rij hier een soort retraite doet. Het betekent ook dat ze een kok meebrengen die kookt en dan schuiven wij aan voor het middageten. En de groep  kinderen voor Engels heeft examen.

Het klooster is een externe nederzetting van de Orde van Mar Musa, Syrië, in de jaren Tachtig gesticht door een Italiaanse priester, Paolo Dall’Oglio. Vrouwen en mannen, Liefde voor de Islam als spiritualiteit. Een woestijnorde. In 2012 kwamen Pater Jens en zuster Friederike hierheen; aartsbisschop Sako van Kirkuk (nu Patriarch Sako) had hen uitgenodigd om een oude kerk in het oude centrum van Sulaymaniyah, die overbodig was geworden door een nieuwe kerk, te gaan inrichten als retraitecentrum en ontmoetingsplek voor iedereen. Omdat door de oorlog Syrië te gevaarlijk was geworden voor de buitenlandse leden van de orde, kwam de vraag als geroepen en gingen deze twee personen het retraitehuis opzetten. Kerk en pastorie behoefden reparaties, ze stonden al een paar jaar leeg. Dat was net zo’n beetje rond, toen zomer 2014 de Ninive-vlakte leegliep omdat ISIS de regio onveilig maakte. In oktober 2014 zaten er 14 ‚families’ in het klooster, zo’n 140 personen; familie betekent opa en oma, gehuwde kinderen en de kleinkinderen. In de kapel werden zeven families ondergebracht, in de bibliotheek drie, de rest in andere ruimten. Ze leefden gescheiden door eenvoudige doeken die aan waslijnen hingen. Overdag de matrassen op een stapel, in de nacht matrassen tegen elkaar op de grond en iedereen slapen.

Tussen april en december 2015 werden kapel en bibliotheek ontruimd en de families in wooncontainers geplaatst. Bij de VN zijn die voor $ 5000 per stuk te koop. Daartoe werden drie kleine lapjes grond rond het klooster geleend van de eigenaren, geëgaliseerd, stenen bases gebouwd om de containers op te zetten, elektra aangelegd, water. Zo ontstonden drie hofjes met containers rond een boom telkens. De VN betaalde het voedsel, beetje energie, alle andere kosten moesten bij fondsen bijeen gebedeld worden. Midden 2016 was het klooster vrij van families, en begonnen herstelwerkzaamheden: het was nogal uitgewoond door de intensieve bewoning.

Augustus 2017 begon de grote uittocht van families terug naar Caracosh en andere dorpen nu ISIS was verdreven. Ook de terugkeer kwam op kosten van het klooster, een pick-up plus een chauffeur reed twee maal per week een gezin. Voor die arbeid zijn er geen hulpfondsen. De families vonden alle hun huizen nogal onbewoonbaar gemaakt, meubels en huisraad kapot of verbrand. Maar men ging aan de slag, het eigen terrein heroveren.

Inmiddels is er nog één bewoonde containerhof. Eén familie is gebleven, ze hebben geen eigen huis en de man heeft hier werk. De andere containers worden nu bewoond door een paar Syrische families die liever hier zijn dan in de grote kampen. In de tweede containerhof heeft UPP, een Italiaanse NGO, nu een kantoor, en enkele containers worden gebruikt voor leslokaal. De derde, kleinste hof is ontmanteld, die drie containers dienen nu als bouwkeet bij de bouw van het bejaardenhuis voor christelijke en moslim-Alzheimerpatiënten, plus kleuterschool; een project van bisschop Mirkis hier in Sulaymaniyah. Deels omdat het zwaar is met Alzheimer-patiënten samen te leven, deels omdat veel ouderen hun kinderen in buitenlanden hebben.

Sinds augustus 2017 zijn er twee huizen bij het klooster bijgebouwd. Het ene voor leslokalen, twee kleine bureau’s waar de leraren voorbereidend werk kunnen doen, en een leefruimte voor de bewaking. Het andere wordt een vrouwenhuis. In deze cultuur kan men niet mannen en vrouwen onder één dak laten slapen. Het vrouwenhuis is voorwaarde om met retraite-groepen te kunnen beginnen. Nog dit jaar hoopt men eindelijk te kunnen beginnen met dat eigenlijke doel.

Intussen is de kloosterhof dagelijks vol met mensen voor allerlei lessen: Engels, Koerdisch, Arabisch, boekhouding in de drie talen, IT, naaicursus, loodgieterscursus. Het zijn vooral moslims, daartussen ok christenen. De leraren krijgen een kleine betaling, de cursisten betalen niets. Ook gasten zal geen geld gevraagd worden. De tweede term van de spiritualiteit van het klooster is gastvrijheid. Men leeft van wat gasten vrijwillig geven. Als eenmaal de opbouw klaar is, zal dat lukken. Maar opbouw, herstel, uitbouw, vluchtelingen, dat was allemaal te veel van het goede. Het klooster heeft schulden en hoopt die ooit kwijt te raken. Schulden bij vrienden, dus zonder rente. Maar toch.

Over een uur begint de eerste bruiloft in deze kapel sinds het kloosterkapel is: een Chinees en een Filippijnse huwen elkaar,  de Chinese man is daartoe in deze kapel gedoopt enkele weken geleden. Burgerlijk huwelijk bestaat hier niet, de priester of een imam tekenen de verbintenis en dat wordt dan door de gemeente ingeschreven. Beide personen zijn hier als gastarbeiders, de viering zal in het Engels zijn maar naar Chaldeeuwse ritus.

Voor de korte termijn dient zich nog een behoefte aan: een tweede kloosterhof, aanpalend, om zowel een ontmoetingshof te hebben als een stiltehof, waar geconcentreerd kan worden gestudeerd en retraite gehouden. Daartoe moet een kleine strook land naast de kapel gekocht worden. Ook het onderhoud van de kapel zou dan eenvoudiger zijn. Het meest bijzonder aan het klooster is, dat het in de oude binnenstad ligt en smalle straatjes dus langs en dwars door dit complex aan huizen lopen, de dagelijkse weg van de moslimburen en anderen. De twee werelden grijpen zo heel natuurlijk ineen. Daartussen de Peshmerga die het klooster dag en nacht bewaken: wat sinds 2002 in heel Irak gebeurt met woningen van belangrijke personen en huizen waar groepen samenkomen. Nieuwe groepen – onbekende gezichten- worden alle gefouilleerd. Zoals nu de bruiloftsgasten. Veel leven van veel niveaus tegelijk in dit stadsklooster.

Wekelijkse Vieringen

Maandag
8:00 uurKlooster Cenakel
19.00 uurCatharina
1e maandag van de maand: 10:00 uur: Kapel Barbarabegraafplaats
Dinsdag
8:00 uurAloysius
8:00 uur
9.00 uur
Klooster Cenakel
Rafaëlkerk
10:00 uurAloysius
19.00 uurCatharina
Woensdag
8:00 uurAloysius
8:00 uurKlooster Cenakel
9:30 uurJoseph
18:30 uurCatharina: Rozenkrans
19:00 uurCatharina
19:00 uurGertrudis
19:00 uurAntonius: Vesper (vervalt in juni, juli en augustus)
Op de woensdagen in de 40-dagentijd is er een Oecumenische vesper om 19:00 uur afwisselend voorgegaan door een dominee en pastor Hans Harmsen.
3e woensdag van de maand: Rozenkrans om 19.00 uur in de Johannes-Bernardus.
Donderdag
8:00 uurAloysius
8:00 uurKlooster Cenakel
9:00 uurRafael
19.00 uurCatharina
1e en 3e van de maand: 19:30 uur: San’Egidio Kapel zusters Waterstraat
Vrijdag
8:00 uurAloysius
8:00 uurKlooster Cenakel
9:00 uurWederkomst des Heren – ochtendgebed
10:00 uurAloysius
10:00 uurDominicus – wereldwake
18:00 uurAntonius: gregoriaanse vesper
19.00 uurCatharina
1e vrijdag van de maand
10:30 uurJacobus
10:00 uurJohannes Bernardus
10:30 uurJoseph
10:00 uurDominicus
3e en 5e van de maand: 10:00 uur: Johannes Bernardus
2e van de maand: 16:00 uur, kleine viering Josephkerk
Zaterdag
8:00 uurKlooster Cenakel
11:15 uurNoodkapel Voorportaal: Rozenkrans
18.30 uurCatharina
1e zaterdag van de maand: eucharistieviering opgedragen aan Fatima om 9.00 uur in de Josephkerk.

Algemeen Contact

Parochiesecretariaat Utrecht

Adriaan van Ostadelaan 4
3581 AJ Utrecht

Openingstijden:
Maandag – Donderdag: 09.00 – 16.00 uur
Vrijdag: 09.00 – 12.00 uur
Tel: 030 – 254 6147
E-mail: secretariaat@katholiekutrecht.nl